door bw | mrt 9, 2013 | gezondheidszorg, medicijnen
Eli Lilly Nederland maakte op 6 maart 2013 bekend dat vanaf heden ook mannen met osteoporose een behandeling met Forsteo®, stofnaam teriparatide, onder bepaalde voorwaarden volledig vergoed krijgen. Teriparatide wordt in het Geneesmiddelen Vergoedingssysteem (GVS) opgenomen, uitsluitend voor de behandeling van ernstige osteoporose, gedurende een periode van maximaal 24 maanden voor:
a. Een verzekerde postmenopauzale vrouw die:
1. Ondanks behandeling met raloxifeen, bazedoxifen of strontium ranelaat na twee wervelfracturen opnieuw één of meerdere fracturen heeft gekregen, of
2. raloxifeen, bazedoxifen of strontium ranelaat niet kan gebruiken.
b. Voor een verzekerde man met verhoogd risico op botbreuken die:
1. Ondanks behandeling met bisfosfonaten of strontium ranelaat na twee wervelfracturen opnieuw één of meerdere fracturen heeft gekregen, of
2. bisfosfonaten en strontiumranelaat niet kan gebruiken.
(meer…)
door bw | dec 15, 2012 | diabetes, medicijnen
Sinds zo’n 3-4 jaar zijn voor de behandeling van mensen met type 2 diabetes mellitus GLP1 analogen op de markt gekomen. Deze middelen verlagen de bloedglucose spiegel, en daarnaast hebben zij een effect op het verzadigingsgevoel en de maagontlediging. Eén van de grote voordelen is gewichtsreductie. Mensen raken beter ingesteld, hun bloedglucose waarden normaliseren, en zij vallen een aantal kilos af. Sommige patiënten wel tot 15 kg!!
Om die reden lijkt de combinatie van een GLP1 analoog met insuline een aantrekkelijke optie. De effecten van (intensieve) insuline therapie, die door patiënten het meest gevreesd worden, zijn gewichtstoename en hypo’s, en juist door de combinatie van de twee medicijnen zouden deze bijwerkingen minder optreden. Her en der zijn patiënten met type 2 diabetes met een combinatie van insuline en een GLP1 analoog behandeld. Meestal gebeurde dat op incidentele basis, nog voordat in klinisch studies een geode onderbouwing van deze combinatie was vastgesteld, en zonder dat via een goed onderzoeksprotocol, door een METC goedgekeurd en op www.clinicaltrials.gov geregistreerd, de effecten systematisch en prospectief werden geregistreerd.
Als voorbeeld: Nayak en collega’s (QJM 2010;103:687-694) publiceerden een zgn. audit onderzoek van de resultaten van toevoeging van exenatide aan bestaande insuline behandeling. Zij beschreven een afname van het gewicht van 10 kg gemiddeld en afname van de insuline dosering van gemiddeld 144 naar 51 eenheden per dag bij een groep ernstige obese diabetes patiënten, met een BMI van ruim 43 kg/m2 bij aanvang. Echter, na gebruik van de combinatie gedurende 6 maanden was het HbA1c gehalte nog altijd gemiddeld 8.6% was, een teken van heel matige diabetes regulatie (om het vriendelijk te stellen). Deze studie werd derhalve geplaagd door zowel een gebrek aan een adequate controle groep als een volstrekt insufficiënte glycemische regulatie door onderdosering van insuline.
Recent hebben wij een review artikel gepubliceerd waarin de voor- en nadelen van combinatie van een GLP1 analoog en insuline worden besproken, op grond van de gepubliceerde medische literatuur. U kunt dit artikel HIER gratis downloaden.
door bw | sep 25, 2012 | gezondheidszorg, medicijnen
De laatste maanden krijg ik steeds vaker grijze haren en acute bultjes van machteloosheid.
Voorbeeld van vandaag: dhr. H gebruikt al jaren 20 mg riboflavine per dag vanwege zijn spierproblemen. Hij verlengt het recept in zijn apotheek, maar riboflavine is niet meer leverbaar en er bestaat geen vervangend medicament, zo krijgt hij te horen. Hij moet maar met zijn specialist bellen. De man doet dat netjes, waarbij het probleem naar mij verschoven wordt. Extra werk voor de dames van mijn zorgadministratie.
(meer…)
door bw | sep 4, 2012 | diabetes, gezondheidszorg, medicijnen
De behandeling van type 2 diabetes wordt meer complex. Enerzijds is dat vanwege de multimorbiditeit, die patiënten met type 2 diabetes zo kenmerkt. Het gaat dan niet alleen om type 2 diabetes met eventuele complicaties, maar ook artrose, reumatische klachten, COPD, hartfalen, gastro-intestinale problemen (1-4). Hierbij kan het zijn dat de behandelrichtlijnen van twee coïncidente aandoeningen elkaar tegenspreken. Anderzijds neemt de complexiteit van behandelalgorithmes toe door het beschikbaar komen van nieuwe medicamenten, waarvan de plaats in de behandeling nog verre van duidelijk is (5). Internationale richtlijnen kunnen voor de medicus practicus een handvat bieden voor de best mogelijke behandeling (6-8). Richtlijnen lopen echter gemiddeld drie tot vijf jaar achter bij de actuele ontwikkelingen op gebied van farmacotherapie. Bovendien zijn de bestaande richtlijnen nog altijd niet optimaal (om het vriendelijk te zeggen), als het gaat om de best mogelijke kosteneffectieve behandeling van de individuele patiënt.
(meer…)
door bw | jul 19, 2012 | gezondheidszorg, medicijnen, schildklier |

Dit artikel verscheen als column in het blad Schild, juni 2012.
Mw. T. zat er doorheen, zij kon weinig meer; moeite met concentreren, vermoeidheid, kouwelijk, en dan die pijn in haar hals, irritant. De schildklierfunctie bleek afwijkend, dus als zij maar medicijnen ging slikken dan zou zij zich herboren voelen, zo werd haar verteld. Bij onderzoek had deze dame een duidelijk vergrote, enigszins pijnlijke schildklier. Het bloedonderzoek liet een verhoogde TSH waarde zien (8 mU/l), de vrijT4 was normaal. De spiegel in het bloed van antistoffen tegen de schildklier was knallend hoog. Het overige bloedonderzoek toonde geen bijzonderheden.
Volgens alle richtlijnen spreken we hier van ‘subklinische hypothyreoidie’. Tien (!) procent van de Nederlanders heeft een TSH tussen de 4 en de 10, met een normaal vrijT4 gehalte, en 99% van hen voelt zich uitstekend. Kan de licht afwijkende schildklierfunctie de klachten verklaren? Veel mensen zijn vermoeid, maar hebben een normale schildklierfunctie. En ook al is vermoeidheid een klacht, die voor kan komen bij een te langzaam werkende schildklier, deze klacht kan bij veel andere aandoeningen ook voorkomen. Denk eens aan het dramatische verhaal van Renate Dorrestein, die plots werd overvallen door een ernstig vermoeidheidssyndroom, zo indringend beschreven in haar boek ‘Heden ik’.
(meer…)
door bw | jul 19, 2012 | gezondheidszorg, medicijnen |
Eén van mijn patiënten heeft een erfelijke aandoening van de energiehuishouding in de spieren, waarbij een gebrek aan AMP (adenosine monofosfaat) ontstaat. Bij hem bleek de activiteit van het betreffende enzym in het spierweefsel sterk verlaagd. Door de klachten hiervan is hij arbeidsongeschikt geraakt.
In een poging de hierbij optredende ernstige spierklachten en snelle vermoeidheid te verminderen wordt hij behandeld met creatine monohydraat en carnitine, hetgeen een duidelijke en merkbare vermindering van zijn klachten geeft. Patiënt is hiermee erg tevreden tot hij de declaratie aan zijn zorgverzekeraar stuurt. Deze retourneert de rekening met de mededeling dat de creatine niet wordt vergoed, aangezien dit middel ‘niet door een erkend alternatief genezer is voorgeschreven’. Als zijn behandelend specialist schrijf ik hierover een brief naar de zorgverzekeraar, en opnieuw wordt vergoeding van de medicatie afgewezen. Thans luidt het verweer dat ‘alléén voor vergoeding in aanmerking komen die geneesmiddelen, die op de geneesmiddelenlijsten staan die vastgelegd zijn in de ziekenfondswet’. Bij telefonisch contact vraagt een medewerker van de zorgverzekeraar naar de ‘evidence’ achter deze behandeling. Een bijzondere vraag, aangezien er in de medische literatuur nauwelijks lange termijn prospectieve studies zijn naar de effecten van medicijnen bij deze aandoening. Maar dat is ook niet zo belangrijk, aangezien de medicatie bij deze patieënt bijzonder goed helpt.
Goede raad is duur. Moet de betreffende patiënt de medicatie, waar hij aantoonbaar baat bij heeft zelf betalen (ruim € 60 per kwartaal), of zou het gemakkelijker zijn wanneer ik mij inschrijf als alternatief genezer? Misschien weet iemand een schriftelijke cursus?
Recente reacties